|
|
HISTORIE ROLHOCKEY
Bron: Cursusmap NRB opleiding
Jeugdbegeleider/trainer A Rolhockey (1994)
Auteur: Rob Verbeek
Historische ontwikkeling rolhockey
Algemeen:
Het beschrijven van de historische ontwikkeling van het rolhockey in het
kader van de cursus TRAINER A/JEUGDBEGELEIDER ROLHOCKEY is geen gemakkelijke
opgave omdat er weinig tot geen literatuur voor handen is. Toch is het
belangrijk om te weten hoe de ontwikkeling heeft plaats gevonden omdat je door
een rijke historie nu eenmaal een speciale band met de desbetreffende tak van
sport kunt verkrijgen.
De historie van het rolhockey is er een om trots op te zijn en daarom is dit
hoofdstuk dan ook geschreven om de mogelijkheid te bieden om deze feitenkennis
aan te vullen en over te dragen door middel van informatiedragers als dag- en
weekbladen, clubbladen, programmaboeken, spreekbeurten, werkstukken etc. etc.
De historische beschrijving is vanwege de onderhavige cursus gebaseerd op het
rolhockey en zijn de rolschaatsonderdelen kunstrijden en hardrijden buiten
beschouwing gelaten. In deze context is het vermeldenswaardig dat de hardrijders
op dit moment kunnen kiezen tussen de traditionele rolschaatsen met vier wielen
of de zogenaamde "skeeler" met vijf wielen in een lijn. Op dit moment kiezen de
hardrijders voor de "skeeler" omdat de snelheid op het rechte stuk met 2 á 3
km/uur verhoogd kan worden. In Nederland worden de belangen verdedigd door de
Nederlandse Skeeler Bond en deze bond is aangesloten bij de F.I.R.S (Federation
International de Roller Skating)
Het hierna volgende overzicht is samengesteld door het noemen van jaartallen met
de daarbij behorende gebeurtenissen.
1760 - 1994, Ruim tweehonderd jaar !
De geschiedenis van de rolschaatssport begon natuurlijk met de
uitvinding van de rolschaats. Dit gebeurde in 1760 door de Belg Joseph Merlin
uit Hoei en de ijsschaats was de onderlegger van zijn ontwerp, doch een patent
aanvraag was bij de Belg niet opgekomen. Dit werd in 1815 door de Fransman
Garcin gedaan en hij had daarmee zijn rolschaats, de Gincar genaamd, voor de
eeuwigheid vastgelegd. De Duitse firma Berken vervaardigde in 1873 rolschaatsen
met harde rubberen wielen en voorzien van een hefboom voor het vast zetten van
de schoen. De rolschaats werd ontworpen met de bedoeling om de mens gemakkelijk
te laten voortbewegen.
Het ontwerp, de financiering en de bouw van de eerste rolschaatsbaan ter wereld
in Cincinnati (Ohio USA) werd in het jaar 1867 een feit.
In hetzelfde Amerika had rond 1880 iedere stad haar rolschaatshal en in 1882
werd in Boston een rolschaatshal gebouwd met een capaciteit van 5000
rolschaatsers.
In Engeland verspreidde het rolschaatsen zich zeer snel en bereikte haar
hoogtepunt in 1873. In 1890 werd de beroemde Olympia-piste te Londen geopend met
een gigantische rolschaatsoppervlakte van 120x60 meter alwaar vele Engelse
rolschaatsliefhebbers met veel plezier de rondjes draaide.
De beslissende stap naar de perfectionering van de rolschaats werd gezet in 1884
door de uitvinding van de kogellager door de firma Richardson Stake.
In 1890 brengt de Duitse firma Von Lorenz rolschaatsen in de handel waarvan de
lengte geregeld kan worden, voorzien van kogellagers en uiterst sterk van
structuur. Wereldberoemd is de rolschaatsfilm van Charly Chaplin. Deze
filmklassieker werd opgenomen in Arcadia-rollerhal van Manchester te Engeland.
Introductie rolhockey
In het historische jaar 1909 werd in Kent te Engeland een nieuwe
tak van sport geïntroduceerd : ROLHOCKEY !!
In hetzelfde jaar van de Engelse introductie werd als eerste vereniging in
België
Koninklijk Antwerp opgericht.
In het jaar 1911 zijn de eerste Nederlandse rolschaatswapenfeiten te
noteren, omdat toen in Rotterdam een vermaakcentrum werd geopend waar de
liefhebbers van het rolschaatsen hun gang konden gaan. Maar dat "Skating
Centrum" was helaas geen blijvertje en tijdens de wereldoorlog 1914-1918 werden
de poorten van "Skating Centrum" definitief gesloten.
Doch wat eigenlijk niemand weet is dat in 1911 niet alleen het rolschaatsen werd
geïntroduceerd maar ook het rolhockey! Dus 2 jaar nadat de tak van sport in Kent
te Engeland het daglicht zag, speelden men in Rotterdam rolhockey. Het duurde
echter tot 1947 voordat de sport serieus werd beoefend.
De eerste internationale wedstrijd rolhockey of zoals men het vroeger noemde
rinckhockey, werd gespeeld in 1911 tussen het Britse nationale team en een club
uit Tourcoing te Frankrijk. Zwitserland was het volgende land wat het rolhockey
omarmde en voor de Eerste Wereldoorlog kwamen in de plaatsen Lausanne, Luzerne
en Montreux de rolhockeyverenigingen tot stand.
De F.I.R.S.
In 1920 werden de eerste besprekingen gehouden over het
oprichten van een internationale federatie. Deze federatie werd inderdaad
opgericht op 21 april 1924 te Montreux. De naam van deze internationale
organisatie was "Federation Internationale de Pattinage a Roulette" (F.I.P.R) en
in
1947 werd deze weer gewijzigd in "Federation International de
Roller Skating" (F.I.R.S.).
De eerste Europese Kampioenschappen voor landenploegen werden in Herne bay
te Engeland (1926) gehouden en de eerste Wereldkampioenschappen te Stuttgart
(1936).
Nadat in 1911 de rolschaatssport in Nederland werd geïntroduceerd brak in 1947
het grote moment voor het hedendaagse rolhockey aan. Twee jaren na de bevrijding
zag de olympische wielrenner Henk Ooms, die op zijn vele buitenlandse reizen de
ogen open had gehouden, de mogelijkheid om op de Savorin Lohmanlaan te Den Haag
een vloer van eterniet platen te leggen.
Niet lang daarna kon de later legendarische "Marathon-Rinck" worden
geopend en op deze baan werd de basis gelegd voor de nationale rolschaatssport.
Nederlandse Rolschaats Bond
Onder voorzitterschap van C.Fetler werd tijdens het 17e congres van de
F.I.R.S. in 1948 de toetreding van de
Nederlandse Rolschaats Bond (oprichting 1948) met algemene stemmen
goedgekeurd. Het was een uiterst moeizaam begin. Gebrek aan geld, materiaal,
kader en eensgezindheid leverden grote problemen op.
Een klein gezelschap sportlieden beoefenden de sport op een enthousiaste wijze
en de groep rolhockeyers werd groter maar niet groot genoeg om een reeks
wedstrijden te gaan spelen. De pioniers van het eerste uur reisde veelvuldig om
maar zoveel mogelijk wedstrijden af te werken. Door de vele buitenlandse
sportcontacten steeg het spelpeil voortdurend en werd
Den Haag tenslotte een hecht bolwerk met maar liefst vijf
rolschaatsbanen t.w. de Marathon-Rinck, de Eekhoornbaan, Hoekwaterstraat, de
Zuiderparkbaan en Poeldijk (aan de rand van Den Haag).
Hockeyen, hockeyen en hockeyen .....
Zoals gezegd: Hockeyen, hockeyen en nog eens hockeyen was het credo, en
om ervaring op te doen werden er vele wedstrijdseries georganiseerd zoals de
strijd om de Zilveren Rolschaatsbaan en de Haags Dagblad-beker.
In deze jaren was de zogenaamde "Ooms rolschaats" ontstaan, een onderstel van
stalen hoeklijnen met rubberen remdoppen gesneden uit vrachtwagen-banden en
voorzien van houten (jazeker!) wielen. De rolhockeyers van het eerste uur hebben
dagen/weken lang deze wielen op een draaibank staan draaien. Want de houten
wielen spleten bij enig contact spontaan in twee stukken.
De vereniging Marathon werd in 1947 opgericht, gevolgd door
Residentie in 1948. Het jaar 1951 was voor
Hollandia dat ook de initiatiefneemster was van de West Europa Cup met
deelname van de kampioenen uit Zwitserland, Engeland, West-Duitsland, Frankrijk,
België en Nederland. Deze cupwedstrijden waren de voorlopers van de huidige
Europa Cup wedstrijden welke vanaf 1966 werden gehouden.
Het eerste Nationale team.
Op het moment dat er maar één vereniging in Nederland was, nam in april
1948 in Montreux een Nederlandse ploeg voor de eerste maal deel aan een
Wereldkampioenschap. Erg succesvol was deze nationale afvaardiging niet daar
alle wedstrijden werden verloren en zelfs geen enkel doelpunt kon worden
gemaakt.
Doch het belangrijkste was dat zij zagen hoe rolhockey gespeeld kon worden en de
enthousiaste "internationals" verhoogden de trainingsfrequentie en een jaar
later bij het W.K. te Lissabon verloren ze weer alle wedstrijden maar werden er
doelpunten gemaakt om vervolgens in
1950 te Milaan de laatste plaats over te laten aan Egypte.

Nederlandse rolhockey selectie in 1952
De rest van Nederland
In de jaren 1951 - 1956 ontstonden in het land gelukkig meerdere clubs
want het rolhockey-virus waaide over naar
Dordrecht (A.G.O.R.), Eindhoven (R.E.W. en De Lichtstad), Zaandam (Z.R.C.)
en Valkenswaard (De Dennenberg).
Vele rolschaatsaccommodaties waren ontstaan door privé initiatieven en het was
dan ook zeer moeilijk om deze rolschaatsbanen te handhaven. Om deze reden en
door gebrek aan financiën en eensgezindheid verdwenen ook weer een aantal clubs
Clubs welke werden opgericht doch ook weer van het rolschaatspodium zijn
verdwenen zijn o.a.
Hollandia, Internos, D.R.R., Rolling Stars, De Hofstad, Olympia, Vredestein,
R.E.W., Rodar, Holland, Helmond West, Neerlandia, E.R.C., Zuid Holland,
Residentie en De Dennenberg.
Een nationale competitie
In het jaar 1951 werd er voor de eerste maal een Nederlands
kampioenschap rolhockey gehouden en na de allerlaatste en beslissende wedstrijd
tussen Residentie en Marathon werd de kampioens-vaan na afloop aan de aanvoerder
van het rood-gele Marathon overhandigd. Deze huldiging werd voltrokken door de
heer Zoetmulder, voorzitter Nederlandse Rolschaats Bond.
De jaren die hierop volgde stonden in het teken van het populariseren van de tak
van sport. Een sport wat veel trainingsarbeid van de sporter vraagt voordat er
echt plezier aan het beoefenen ervan deze sport wordt beleefd.
Schaats en sticktechniek gekoppeld aan tactisch inzicht en fysieke conditie zijn
de minimalen vereiste om de sport met plezier te kunnen beoefenen.
Wellicht is dit een van de factoren waarom het rolhockey in Nederland tot de
kleinere sporten behoort.
Ondanks dat het rolhockey in Nederland op bescheiden schaal wordt beoefend zijn
de internationale prestaties opvallend te noemen. Het blijkt dat de toppers in
Nederland ook toppers in het buitenland zijn.
Het zilveren feest van de N.R.B. werd in 1973 gevierd met een
toprolhockey toernooi in
Valkenswaard met deelname van wereldkampioen Spanje, Portugal,
West-Duitsland, België en gastheer Nederland.
Dames rolhockey
Het dames rolhockey kreeg in 1971 de eerste impulsen via de
vereniging Hollandia alwaar ex-kunstrijdsters de hockeystick ter hand namen en
door international Tammens lessen kregen in stick- en schaatstechniek.
De verenigingen Z.R.C., A.G.O.R., Helmond West en het Belgische Leuven volgden
in het zelfde jaar deze ontwikkeling.
Supercompetitie
Al in 1974 ontstond er een wedstrijdenreeks wat leek op de
huidige Benelux-competitie, t.w. de Supercompetitie. Buiten de eigen reguliere
competities werden er door de drie beste clubs uit Nederland en België een serie
wedstrijden afgewerkt. Iedere vereniging trad eenmaal, op een zaterdagavond, op
als gastheer voor de overige verenigingen.
Tot nu toe werden alle rolschaatszaken voor de Europese landen door de
wereldbond F.I.R.S. behandeld. Een Europese organisatie werd in
1976 opgericht en kreeg de naam Confederation European Roller Skating
(C.E.R.S.)
In het licht van het 30-jarig bestaan van de N.R.B. kreeg zij in 1977 de
eervolle uitnodiging om een
Europees Kampioenschap voor junioren te organiseren.
Het toernooi werd in de sporthal De Houtzagerij in Den Haag afgewerkt. Italië
werd kampioen en een bronzen medaille was weggelegd voor de Nederlanders.
De eerste twintig jaar was het vooral de verenigingen Residentie, Hollandia
en Marathon die de rolhockey dienst uitmaakte doch de laatste twintig jaar
komen de kampioenen uit het zuiden van het land. De verenigingen
De Dennenberg en de Lichtstad hebben veel voor de ontwikkeling van de
sport betekend.
Om het spelniveau te verhogen van de landen buiten de toppers Spanje, Portugal
en Italië werd de Trans Europe Invitation Cup
(Noordzee-cup) in het leven geroepen (1978). Landen als
West-Duitsland, Zwitserland, Frankrijk, België, Engeland en Nederland traden in
toerbeurt op als gastheer en zodoende speelden deze landen in korte tijd 25
interlands per editie.
Het resultaat was dat de "kloof" tussen de toppers en de overige landen werd
verkleind, doch om financiële redenen kwam dit uitstekende initiatief helaas aan
zijn einde.
Na in 1977 een E.K. voor junioren kreeg de N.R.B. in 1981 de
organisatie voor het E.K. aspiranten toegewezen.
Portugal won de eerste, weliswaar officieuze, Europese titel met Nederland op de
zesde plaats van de acht deelnemers.
Benelux competitie
De reeds genoemde Benelux-competitie werd in 1988 ingevoerd. Een
integratie van Nederlandse en Belgische rolhockeyteams waarvan de hoogst
geëindigde zich Benelux kampioen mag noemen.
Voor de derde maal in de Nederlandse rolhockey historie werd in 1989 te
Valkenswaard een Europees kampioenschap rolhockey afgewerkt. De Nederlandse
junioren behaalden in een deelnemersveld van acht landen een zesde plaats.
Rolhockey recreanten
De vereniging De Dennenberg nam in 1988 het initiatief om een
zogenaamd recreanten toernooi te organiseren.
Het begrip recreant kreeg de volgende norm:
- de speler is dertig jaar of ouder;
- of de speler is drie jaar niet meer in een officiële wedstrijd uitgekomen.
Het is een bekend gegeven dat veel spelers na het beëindigen van hun sport
carrière de rolschaatssport definitief de rug toekeren. Bijzonder veel kennis
gaat verloren en dat is nu juist hetgeen wat noodzakelijk is bij het opbouwen
van een tak van sport.
Het begrip recreanten rolhockey overbrugde de "kloof" naar veteranen-rolhockey
(35 jaar en ouder) en voorzag in de behoefte om weer eens een "wedstrijdje" te
spelen. In de winter van het jaar
1991 ging, in toernooivorm, het recreantenrolhockey in Nederland
definitief en officieel van start.
Bijzondere prestaties
Zoals reeds gememoreerd leverden Nederlandse rolhockeyers op
internationaal niveau
bijzondere prestaties, te denken valt aan:
* De Lichtstad (1981); het bereiken van de finale COPA C.E.R.S. (E.C.3),
* De Dennenberg (1987); het bereiken van de halve finales Europa Cup 1,
* Het Nationaal senioren team (1963,1967,1969 en 1981) bronzen medailles E.K.
* Het Nationaal senioren team (1991) zilveren medaille W.K
* Het Nationaal dames team (1991); zilveren medaille E.K,
* Het Nationaal damesteam (1989); gouden medaille E.K.
* Het nationaal aspirantenteam (1982); bronzen medaille E.K.
Een palmares om trots op te zijn en een stimulans om deze kleine tak van sport,
in Nederland, uit de schaduw te halen.
De Olympische Spelen
Een rolhockey droom voor iedereen die het rolhockey een warm hart toedraagt kwam
uit: Rolhockey, een demonstratie sport op de
Olympische Spelen te Barcelona (1992). Het benodigde duwtje kwam van oud
rolhockeyer en IOC baas Antonio Samaranch. Tijdens dit evenement heeft het
rolhockey laten zien dat het bij goede omstandigheden een zeer interessante tak
van sport kan zijn. Uiteindelijk werd Argentinië Olympisch kampioen en Nederland
behaalde een verdienstelijk zesde plaats.
De World Games
De World Games vormen een mondiaal sportfeest dat topatleten uit
verschillende delen van de wereld bijeen brengt om zich met elkaar te meten in
die sporten en disciplines die niet op het programma van de Olympische Spelen
staan. Deze kunnen, door middel van de World Games, zich presenteren in een
multi-sportevenement aan T.V., pers, en publiek.
Tijdens het eerste evenement in 1981 te Santa Clara (USA) waren de nationale
rolhockey ploegen aanwezig. Na Santa Clara volgde Londen (1985), Karlsruhe
(1989) en
Den Haag (1993). Het nationale team van Nederland nam deel in 1989 en
1993.
|